Opstart Yin Books (artikel voor Aquarius november-december 2007)
Hoe verliep mijn eerste kennismaking met feng shui - de leer van de oosterse harmonieuze woonziel in huis? En, wat bracht mij ertoe om er uiteindelijk zelfs een boek over te publiceren?
Een lange tocht, die ongeveer dertien jaar geleden begon, toen ik naar New York trok en er op internet zocht naar leuke en boeiende plekjes die ik zou bezoeken. Het aantal pagina’s op het internet over New York was (zelfs begin jaren ‘90) niet te tellen maar, maar beginnen was de boodschap en dan zou ik wel zien waar die pagina’s me naartoe brachten. Ik zocht naar plekjes in verschillende buurten en naar leuke adresjes, toen plots, vraag me niet waarom, één bepaald adres, in Chinatown me in het oog sprong. Het was dat van een Chinese astroloog. Ik belde hem niet direct vanuit België voor een consult, ik zou wel zien hoe dit in New York zelf verliep en waar ik op dat moment zin in zou hebben. Maar eens aangekomen in Chinatown waren er zovele huisjes, kraampjes en mogelijkheden dat ik mijn adres en telefoonnummer van het internet opnieuw bovenhaalde. Ik pakte mijn moed op en belde het nummer vanuit een telefooncel, wat na drie keer lukte. Twee dagen later mocht ik er naartoe. Ik werd naar boven geleid in een groezelig gebouw, waar ik op de gang bij een soort secretaresse terechtkwam die me vroeg om nog wat te wachten op de ‘master’. Toen ik me na een kwartier wachten afvroeg wat ik daar in hemelsnaam deed en hoe gek ik toch was om me in dergelijke avonturen te storten, mocht ik binnen. Een kleine Chinees ontving me. Hij sprak me aan in gebroken engels en vroeg me mijn handen te tonen, hij keek ook naar mijn gezicht en vroeg me naar mijn geboortedatum, waarop hij tal van boeken uit de rekken haalde. Ik kreeg een gedetailleerde analyse van mijn leven (wat wonder boven wonder redelijk goed klopte) en toen vroeg hij me plots of in mijn kamer een spiegel voor mijn bed geplaatst was waarin ik me kon zien. Dat was inderdaad zo en hij vroeg me die onmiddellijk te bedekken. Daarnaast wees hij me ook op het belang van water in huis (fonteintje) en tal van andere zaken waar op ik het eerste zicht toch wel dacht dat dit maar al te gek was. Een fonteintje in huis, spiegels vooral in de eetkamer (want weerspiegeling van voedsel is zeer bevorderlijk voor het geluk, in tegenstelling tot in de slaapkamer, waar ze eerder geesten inspireert). Ja, mijn eerste feng shui steen was gelegd en dat was mijn eerste kennismaking. Gelukkig had mijn feng shui master mijn consult opgenomen (terwijl ik ook veel schreef terwijl hij sprak). Eens thuisgekomen zouden mijn schrijfselen toch wel –tijdens mijn gewone leven – andere westerse, nuchtere en rationele proporties aannemen. Maar aangezien die man toch wel veel andere nuchtere zaken had gezegd die wel klopten, kon ik zijn wijsheid (hoe moeilijk verstaanbaar ook) toch moeilijk naast me neer leggen alsof ik niets had gehoord (er niets was gebeurd).
Ik bedekte echter wel meteen mijn spiegel in de slaapkamer, maar veel meer deed ik niet met zijn advies, behalve het uitschrijven van de cassette.
Verder had hij ook gesproken over het houden van goudvissen (drie om juist te zijn) als alternatief voor dat fonteintje maar ik wist nog uit mijn kermiservaring (toen de kinderen trots thuiskwamen met de goudvissen die ze gewonnen hadden toen ze eendjes visten), dat zelfs goudvissen houden en die bokaal regelmatig onderhouden zeker voor mij niet direct was weggelegd. Maar ik kon zijn gekke adviezen toch niet laten liggen en ging op zoek naar meer informatie. De feng shui rage had op dat moment België nog niet bereikt, maar enkele jaren later was het zo ver. Het ene boek na het andere kwam op de markt en ik begon te kopen en te lezen. Ja, veel elementen van de Chinees kregen een plaats en begonnen eindelijk ook een kader te krijgen dat ruimer was dan mijn westerse denken. Ik begon ruimtes en kleuren anders te bekijken dan voorheen en begon ook meteen in huis het een en ander te verplaatsen en fotokaders en bloemen op ‘strategische’ plaatsen te zetten. Ook mijn zithoek werd aangepast en ik begon letterlijk mijn huis in de verf te zetten. Maar natuurlijk, hoe meer ik las, hoe meer verwarring er ontstond, want die boeken waren niet altijd even duidelijk. Niet enkel zijn alle windrichtingen belangrijk, maar je moet eerst en vooral uitvissen welk type je bent en waar je dus meest nood aan hebt. Gelukkig had de Chinees me hier al bij geholpen, en meteen waagde ik me ook aan ‘lucky numbers’ en andere (liefdes)berekeningen en werd alles plots zo ingewikkeld dat ik extra hulp nodig had, want ik wou in geen geval mijn liefdesleven negatief stimuleren ipv positief.
Voor die volgende stap zocht ik dus naar lessen die me verder zouden helpen, lessen die niet te moeilijk waren en waar ik toch verder mee kon om mijn huis zo aan te passen dat er harmonie heerste. Ik volgde al tai-chi (wat zeker ook hielp om in die oosterse sfeer te komen), maar een Chinees vinden die interesse had in binnenhuisinrichting, zowel westerse als oosterse, was niet evident. Plots, echter, kwam ik via via met een organisatie in Gent in aanraking en zag dat er een zekere Lo in hun programma vermeld stond, die cursussen gaf over de kunst van binnenhuisinrichting met behulp van feng shui. Ondertussen waren toch al een vijftal jaren verlopen sedert de kennismaking met de Chinees (om maar te zeggen dat als iets je pakt, het toch hardnekkig kan zijn). Ik volgde een lessenreeks van 5 keer en kocht zijn boek, maar opnieuw was het duidelijk dat voor een westers mens feng shui niet zo evident was. De heer Lo goochelde met de windrichtingen, de 5 elementen (wind, water, aarde, metaal en hout) en daar waar wij moesten rekenen en zoeken, speelde hij en zag met het grootste gemak alles in een ander perspectief. En toch had ik al kleine stapjes gezet, want ik was al begonnen met schilderen en met het verplaatsen van mijn spulletjes in huis. Ik wou natuurlijk meteen alles uittesten, waarom een cursus volgen als je hem niet meteen kan toepassen, niet?
Enkele jaren later, toen ik wilde verhuizen, dacht ik er plots weer aan dat het misschien wel nuttig zou zijn om de heer Lo uit te nodigen om te zien of het appartement ‘goed’ was bevonden en om hem te vragen wat hij verder zou aanraden om het leefbaarder en zakelijker te maken. Het moest – in de eerste plaats - dienen als kantoor. Ik was best zenuwachtig toen ik hem ging ophalen in Gent, want het was toch de eerste keer dat ik zoiets zou doen. Opnieuw bedacht ik dat ik toch wel gek moest zijn om de inrichting van mijn kantoor en te laten bepalen door feng shui (een modetrend) en van het advies van een man die ik absoluut niet kende. En toch lieten, mijn nieuwsgierigheid en mijn aangewakkerde interesse mij niet los. De heer Lo was aanvankelijk niet enthousiast, want in een appartement brengt het materiaal beton niet direct veel energie. Opnieuw sprak hij over het belang van het element water in huis (onder de vorm van een fonteintje) en over de mogelijkheden om de energie nog beter te laten stromen. Nadat ik beslist had om het appartement toch te kopen, omdat de ligging ideaal was, ging ik aan de slag met kleuren. Waar ik in mijn vorig huis nog maar net durfde te denken aan schilderen in andere kleuren dan wit en dit schoorvoetend op enkele ruimtes uitprobeerde, moesten in mijn appartement alle ruimtes eraan geloven. Iedere kamer kreeg een andere kleur, volgens de leer van feng shui in combinatie met de bestemming van de kamer en het creëren van de juiste sfeer. Uiteraard liet ik mijn kinderen beslissen over de gewenste kleur in hun eigen kamers, maar alle overige ruimtes werden aangepast: de keuken werd lichtgroen, de badkamer werd blauwgroen, mijn kamer kreeg de kleur blauw/paars, de gang werd geel en de werkruimte kreeg oker. Ik moet hierbij wel vermelden dat net feng shui me de kans bood om wat kleur in mijn leven te brengen. Ik had altijd al het belang gevoeld van ‘het juiste kleur’ en de ‘juiste geur’ maar ik had er tot dan toe in mijn leven nog niet veel mee aangevangen. Feng shui bood me die kans.
Ondertussen leerde ik de heer Lo steeds beter kennen, ik wist dat hij ondertussen een tweede boek aan het schrijven was en daar een Belgische uitgever voor zocht. Hij wist dat ik in hem (en zijn kennis) geloofde en vroeg me of ik interesse had om het uit te geven. Mijn groeiende interesse in het Oosterse denken kreeg een steeds belangrijkere plaats in mijn leven tot ik er toe kwam om zelfs mijn uitgeverij de naam ‘Yin Books’ te geven. ‘Yin’, wat staat voor het vrouwelijk element in de Chinese leer.
Maar opnieuw, soms kom je op de gekste momenten iets tegen dat je aanspreekt. Tijdens een zondagse familiale ochtendwandeling op de Vogelmarkt in Brussel zag ik plots een beeld (van Kwan Yin, maar dat wist ik toen nog niet) dat me zozeer aansprak dat ik het absoluut wilde kopen. Ze verpersoonlijkte echt de vrouw die ik wilde zijn: ontvankelijk, krachtig, sterk en niet in gevechtspositie maar eerder op de manier van ‘er zijn’ en er niet naast kunnen kijken.
Yin Books, is het dus geworden. Ondertussen had ik ook al een eerste boek uitgegeven (een dichtbundel van mijn toenmalige vriend) en ik was op zoek naar een tweede boek. Ja, de stap naar de heer Lo werd dus snel gelegd. Het gesproken Nederlands van de heer Lo was zeer correct (voor een buitenlander), maar op papier was dit een heel ander verhaal. Het manuscript moest helemaal worden herschreven en herwerkt. Dit heb ik uitgegeven aan een Germaniste en we werkten ook aan de juiste afbeeldingen die bij de tekst hoorden. Daarna moest ik het boek zeker een twintigtal keer doornemen, vooraleer het volledig op punt stond. De eerste, tweede en derde keer lette ik op volgordes van hoofdstukken, herhalingen en verduidelijkingen, maar al snel sloeg opnieuw mijn eigen ‘veranderwoede’ toe.
Iedere keer dat ik het boek herlas, begon ik opnieuw zaken in huis te verplaatsen, zoutkristallen te kopen om de ruimte te ioniseren, mijn beeld van Kwan Yin te verplaatsen, de badkamer te herschilderen, de verwarming na te kijken, meubels te verhuizen, kortom, het boek liet me niet met rust.
Of er nu veel veranderd is in mijn leven met de komst van feng shui? Teveel om op te noemen. Of ik veel gelukkiger ben? Ik weet nu in ieder geval dat de makkelijkste stappen niet altijd de juiste zijn en dat wij in het westen niet direct met verandering zijn opgegroeid. Je moet stappen durven zetten in het onbekende en dat ben ik volop aan het leren. Vooral ‘doen’ en leren aanvaarden dat je de uitkomst niet altijd kent en dat je je ondertussen moet laten meevoeren naar onbekende paden, dat is verwarrend en nieuw, maar wel heel boeiend, dat kan ik u verzekeren.
Opstart Yin Books (artikel voor Aquarius november-december 2007)
Hoe verliep mijn eerste kennismaking met feng shui - de leer van de oosterse harmonieuze woonziel in huis? En, wat bracht mij ertoe om er uiteindelijk zelfs een boek over te publiceren?
Een lange tocht, die ongeveer dertien jaar geleden begon, toen ik naar New York trok en er op internet zocht naar leuke en boeiende plekjes die ik zou bezoeken. Het aantal pagina’s op het internet over New York was (zelfs begin jaren ‘90) niet te tellen maar, maar beginnen was de boodschap en dan zou ik wel zien waar die pagina’s me naartoe brachten. Ik zocht naar plekjes in verschillende buurten en naar leuke adresjes, toen plots, vraag me niet waarom, één bepaald adres, in Chinatown me in het oog sprong. Het was dat van een Chinese astroloog. Ik belde hem niet direct vanuit België voor een consult, ik zou wel zien hoe dit in New York zelf verliep en waar ik op dat moment zin in zou hebben. Maar eens aangekomen in Chinatown waren er zovele huisjes, kraampjes en mogelijkheden dat ik mijn adres en telefoonnummer van het internet opnieuw bovenhaalde. Ik pakte mijn moed op en belde het nummer vanuit een telefooncel, wat na drie keer lukte. Twee dagen later mocht ik er naartoe. Ik werd naar boven geleid in een groezelig gebouw, waar ik op de gang bij een soort secretaresse terechtkwam die me vroeg om nog wat te wachten op de ‘master’. Toen ik me na een kwartier wachten afvroeg wat ik daar in hemelsnaam deed en hoe gek ik toch was om me in dergelijke avonturen te storten, mocht ik binnen. Een kleine Chinees ontving me. Hij sprak me aan in gebroken engels en vroeg me mijn handen te tonen, hij keek ook naar mijn gezicht en vroeg me naar mijn geboortedatum, waarop hij tal van boeken uit de rekken haalde. Ik kreeg een gedetailleerde analyse van mijn leven (wat wonder boven wonder redelijk goed klopte) en toen vroeg hij me plots of in mijn kamer een spiegel voor mijn bed geplaatst was waarin ik me kon zien. Dat was inderdaad zo en hij vroeg me die onmiddellijk te bedekken. Daarnaast wees hij me ook op het belang van water in huis (fonteintje) en tal van andere zaken waar op ik het eerste zicht toch wel dacht dat dit maar al te gek was. Een fonteintje in huis, spiegels vooral in de eetkamer (want weerspiegeling van voedsel is zeer bevorderlijk voor het geluk, in tegenstelling tot in de slaapkamer, waar ze eerder geesten inspireert). Ja, mijn eerste feng shui steen was gelegd en dat was mijn eerste kennismaking. Gelukkig had mijn feng shui master mijn consult opgenomen (terwijl ik ook veel schreef terwijl hij sprak). Eens thuisgekomen zouden mijn schrijfselen toch wel –tijdens mijn gewone leven – andere westerse, nuchtere en rationele proporties aannemen. Maar aangezien die man toch wel veel andere nuchtere zaken had gezegd die wel klopten, kon ik zijn wijsheid (hoe moeilijk verstaanbaar ook) toch moeilijk naast me neer leggen alsof ik niets had gehoord (er niets was gebeurd).
Ik bedekte echter wel meteen mijn spiegel in de slaapkamer, maar veel meer deed ik niet met zijn advies, behalve het uitschrijven van de cassette.
Verder had hij ook gesproken over het houden van goudvissen (drie om juist te zijn) als alternatief voor dat fonteintje maar ik wist nog uit mijn kermiservaring (toen de kinderen trots thuiskwamen met de goudvissen die ze gewonnen hadden toen ze eendjes visten), dat zelfs goudvissen houden en die bokaal regelmatig onderhouden zeker voor mij niet direct was weggelegd. Maar ik kon zijn gekke adviezen toch niet laten liggen en ging op zoek naar meer informatie. De feng shui rage had op dat moment België nog niet bereikt, maar enkele jaren later was het zo ver. Het ene boek na het andere kwam op de markt en ik begon te kopen en te lezen. Ja, veel elementen van de Chinees kregen een plaats en begonnen eindelijk ook een kader te krijgen dat ruimer was dan mijn westerse denken. Ik begon ruimtes en kleuren anders te bekijken dan voorheen en begon ook meteen in huis het een en ander te verplaatsen en fotokaders en bloemen op ‘strategische’ plaatsen te zetten. Ook mijn zithoek werd aangepast en ik begon letterlijk mijn huis in de verf te zetten. Maar natuurlijk, hoe meer ik las, hoe meer verwarring er ontstond, want die boeken waren niet altijd even duidelijk. Niet enkel zijn alle windrichtingen belangrijk, maar je moet eerst en vooral uitvissen welk type je bent en waar je dus meest nood aan hebt. Gelukkig had de Chinees me hier al bij geholpen, en meteen waagde ik me ook aan ‘lucky numbers’ en andere (liefdes)berekeningen en werd alles plots zo ingewikkeld dat ik extra hulp nodig had, want ik wou in geen geval mijn liefdesleven negatief stimuleren ipv positief.
Voor die volgende stap zocht ik dus naar lessen die me verder zouden helpen, lessen die niet te moeilijk waren en waar ik toch verder mee kon om mijn huis zo aan te passen dat er harmonie heerste. Ik volgde al tai-chi (wat zeker ook hielp om in die oosterse sfeer te komen), maar een Chinees vinden die interesse had in binnenhuisinrichting, zowel westerse als oosterse, was niet evident. Plots, echter, kwam ik via via met een organisatie in Gent in aanraking en zag dat er een zekere Lo in hun programma vermeld stond, die cursussen gaf over de kunst van binnenhuisinrichting met behulp van feng shui. Ondertussen waren toch al een vijftal jaren verlopen sedert de kennismaking met de Chinees (om maar te zeggen dat als iets je pakt, het toch hardnekkig kan zijn). Ik volgde een lessenreeks van 5 keer en kocht zijn boek, maar opnieuw was het duidelijk dat voor een westers mens feng shui niet zo evident was. De heer Lo goochelde met de windrichtingen, de 5 elementen (wind, water, aarde, metaal en hout) en daar waar wij moesten rekenen en zoeken, speelde hij en zag met het grootste gemak alles in een ander perspectief. En toch had ik al kleine stapjes gezet, want ik was al begonnen met schilderen en met het verplaatsen van mijn spulletjes in huis. Ik wou natuurlijk meteen alles uittesten, waarom een cursus volgen als je hem niet meteen kan toepassen, niet?
Enkele jaren later, toen ik wilde verhuizen, dacht ik er plots weer aan dat het misschien wel nuttig zou zijn om de heer Lo uit te nodigen om te zien of het appartement ‘goed’ was bevonden en om hem te vragen wat hij verder zou aanraden om het leefbaarder en zakelijker te maken. Het moest – in de eerste plaats - dienen als kantoor. Ik was best zenuwachtig toen ik hem ging ophalen in Gent, want het was toch de eerste keer dat ik zoiets zou doen. Opnieuw bedacht ik dat ik toch wel gek moest zijn om de inrichting van mijn kantoor en te laten bepalen door feng shui (een modetrend) en van het advies van een man die ik absoluut niet kende. En toch lieten, mijn nieuwsgierigheid en mijn aangewakkerde interesse mij niet los. De heer Lo was aanvankelijk niet enthousiast, want in een appartement brengt het materiaal beton niet direct veel energie. Opnieuw sprak hij over het belang van het element water in huis (onder de vorm van een fonteintje) en over de mogelijkheden om de energie nog beter te laten stromen. Nadat ik beslist had om het appartement toch te kopen, omdat de ligging ideaal was, ging ik aan de slag met kleuren. Waar ik in mijn vorig huis nog maar net durfde te denken aan schilderen in andere kleuren dan wit en dit schoorvoetend op enkele ruimtes uitprobeerde, moesten in mijn appartement alle ruimtes eraan geloven. Iedere kamer kreeg een andere kleur, volgens de leer van feng shui in combinatie met de bestemming van de kamer en het creëren van de juiste sfeer. Uiteraard liet ik mijn kinderen beslissen over de gewenste kleur in hun eigen kamers, maar alle overige ruimtes werden aangepast: de keuken werd lichtgroen, de badkamer werd blauwgroen, mijn kamer kreeg de kleur blauw/paars, de gang werd geel en de werkruimte kreeg oker. Ik moet hierbij wel vermelden dat net feng shui me de kans bood om wat kleur in mijn leven te brengen. Ik had altijd al het belang gevoeld van ‘het juiste kleur’ en de ‘juiste geur’ maar ik had er tot dan toe in mijn leven nog niet veel mee aangevangen. Feng shui bood me die kans.
Ondertussen leerde ik de heer Lo steeds beter kennen, ik wist dat hij ondertussen een tweede boek aan het schrijven was en daar een Belgische uitgever voor zocht. Hij wist dat ik in hem (en zijn kennis) geloofde en vroeg me of ik interesse had om het uit te geven. Mijn groeiende interesse in het Oosterse denken kreeg een steeds belangrijkere plaats in mijn leven tot ik er toe kwam om zelfs mijn uitgeverij de naam ‘Yin Books’ te geven. ‘Yin’, wat staat voor het vrouwelijk element in de Chinese leer.
Maar opnieuw, soms kom je op de gekste momenten iets tegen dat je aanspreekt. Tijdens een zondagse familiale ochtendwandeling op de Vogelmarkt in Brussel zag ik plots een beeld (van Kwan Yin, maar dat wist ik toen nog niet) dat me zozeer aansprak dat ik het absoluut wilde kopen. Ze verpersoonlijkte echt de vrouw die ik wilde zijn: ontvankelijk, krachtig, sterk en niet in gevechtspositie maar eerder op de manier van ‘er zijn’ en er niet naast kunnen kijken.
Yin Books, is het dus geworden. Ondertussen had ik ook al een eerste boek uitgegeven (een dichtbundel van mijn toenmalige vriend) en ik was op zoek naar een tweede boek. Ja, de stap naar de heer Lo werd dus snel gelegd. Het gesproken Nederlands van de heer Lo was zeer correct (voor een buitenlander), maar op papier was dit een heel ander verhaal. Het manuscript moest helemaal worden herschreven en herwerkt. Dit heb ik uitgegeven aan een Germaniste en we werkten ook aan de juiste afbeeldingen die bij de tekst hoorden. Daarna moest ik het boek zeker een twintigtal keer doornemen, vooraleer het volledig op punt stond. De eerste, tweede en derde keer lette ik op volgordes van hoofdstukken, herhalingen en verduidelijkingen, maar al snel sloeg opnieuw mijn eigen ‘veranderwoede’ toe.
Iedere keer dat ik het boek herlas, begon ik opnieuw zaken in huis te verplaatsen, zoutkristallen te kopen om de ruimte te ioniseren, mijn beeld van Kwan Yin te verplaatsen, de badkamer te herschilderen, de verwarming na te kijken, meubels te verhuizen, kortom, het boek liet me niet met rust.
Of er nu veel veranderd is in mijn leven met de komst van feng shui? Teveel om op te noemen. Of ik veel gelukkiger ben? Ik weet nu in ieder geval dat de makkelijkste stappen niet altijd de juiste zijn en dat wij in het westen niet direct met verandering zijn opgegroeid. Je moet stappen durven zetten in het onbekende en dat ben ik volop aan het leren. Vooral ‘doen’ en leren aanvaarden dat je de uitkomst niet altijd kent en dat je je ondertussen moet laten meevoeren naar onbekende paden, dat is verwarrend en nieuw, maar wel heel boeiend, dat kan ik u verzekeren. Ik wens u veel succes op uw zoektocht! LDV (Yin Books)